HANS AARSMAN, publicist

beelden.jpgimg299.jpg

Beeld: De Lomanstraat
Kunstenaar:
Locatie: De Lomanstraat in Amsterdam

______________________________________________________________________________
Beelden in openbare ruimte en hun beschouwers vertellen iets over de identiteit van de stad. Wie zijn we, wat maakt ons anders, wie waren we en wat zegt dat over ons, nu in deze tijd. In het foto- en interviewboek leggen 81 prominente Amsterdammers uit het culturele circuit uit wat zij vinden van hun favoriete beeld in de openbare ruimte.

wie? who?met wie?wat?film blad boekinternetinsteek contact

125.jpgNatuurwetenschap heeft me altijd aangetrokken. Aan de ene kant het strikte nadenken, aan de andere kant de onverwachtheid van het grote inzicht dat je alleen krijgt als je blijft spelen. Met dat beeld voor ogen heb ik een paar jaar wis- en natuurkunde gestudeerd. Tot ik erachter kwam dat eenmaal afgestudeerd ik een levenlang zou moeten frutten op kleine rot-onderdeeltjes van kleine rot-onderzoekjes. Nergens een groot gebaar, nergens een verheffend inzicht. Daarna zocht ik mijn heil in de menswetenschappen. Daar bleken ze met veel omwegen wel erg weinig onder woorden te brengen. Geen grote gebaren, geen vlammende inzichten. Als je notenapparaat maar op orde is.

‘Wat je een stad met de openbare ruimte moet doen, is eeuwen gelden al uitgedacht. Zet er bomen neer’

Zo belandde ik in de kunst. Daar kun je op eigen conto vorm geven aan alles wat je bezighoudt. Onherroepelijk krijg je te maken met het religieuze gefluister van de kunstgeleerden die denken te weten wat kwaliteit heeft en wat niet. Maar als je wilt kun je ze ook links laten liggen. Geen grotere vrijheid dan in de kunst. Kun je na een tijdje niet meer uit de voeten met fotografie, dan pak je de pen, je maakt film, je schildert. Doet er allemaal niet toe. Jij hebt een verhaal? Vertel het!

 

Toch zal ik mezelf niet gauw kunstenaar noemen. Als ze me ernaar vragen, begin ik me al ongemakkelijk te voelen. Dat komt een beetje door de kunstgeleerden, niet bepaald de types met wie je jezelf wilt afficheren. Maar het diepe schaamrood komt van de treurigheid die in Nederland als openbare kunst langs de weg staat. Negen van de tien gevallen krimp ik ineen als ik weer zo’n lafhartig brok nietszeggendheid de ruimte zie opeisen waar een boom had moeten staan. Wat je in een stad met de openbare ruimte moet doen, is eeuwen geleden al uitgedacht. Zet er bomen neer! Maar bomen vinden deelraden te duur, dat kost onderhoud.

Er wordt wel eens gezegd dat de Nederlanders te nuchter zijn voor kunst. Kunst heeft helemaal geen zin, denken ze. Met kunst valt niets te verdienen, denken ze. Zo denken we hier inderdaad, maar dat ligt niet verankerd in onze genen. Het is gekomen door de rotzooi die wij iedere dag weer langs de weg zien staan. Alle Nederlanders die nooit in een museum komen, en dat is de overgrote meerderheid, zijn in de waan dat dat nou kunst is. Geef ze eens ongelijk. Ja, natuurlijk zijn er uitzonderingen. Toch wil ik niet bij dat stelletje horen. En ik wil zeker niet hun werk bespreken. Mijn handen beginnen al te jeuken als ik eraan denk.

Interview: Merel van Tilburg
Fotografie: Paulien de Gaaij

  • 9789080864955.jpgYoup-van_t-Hek-1240.jpgrudi-van-dantzig2.jpg
  • ________________________________________________________________________

e-mail Terug naar home