ARCHITECT BEN VAN BERKEL OVER MONUMENT VOOR ‘ANTHONY WINKLER PRINS’

beelden.jpgvolten1.jpgmonument voor Anthony Winkler Prins
ontwerp: André Volten
locatie: Frederiksplein

______________________________________________________________________________
Beelden in openbare ruimte en hun beschouwers vertellen iets over de identiteit van de stad. Wie zijn we, wat maakt ons anders, wie waren we en wat zegt dat over ons, nu in deze tijd. In het foto- en interviewboek leggen 81 prominente Amsterdammers uit het culturele circuit uit wat zij vinden van hun favoriete beeld in de openbare ruimte. 

wie? who?met wie?wat?film blad boekinternetinsteek contact

"Ik ken dit beeld goed, ik werk hier in de buurt en heb ook lang hier dichtbij gewoond. Het staat op een onverwachte plek, door de bomen is het Frederiksplein namelijk bijna onzichtbaar. Voor het beeld geldt hetzelfde: je bent er ineens. Toch is de schaal van het beeld niet klein. In dit soort stedelijke omgevingen heeft men vaak de neiging om iets subtiels te doen, traditionele beelden worden in Nederland zelden groot in schaal. Dit beeld is groot en robuust. Het is eigenlijk in alle opzichten anders dan je in eerste instantie zou denken. Ik blijf er interessante dingen aan ontdekken. Naarmate je dichterbij komt lijkt het beeld slanker te worden, en als je omhoog kijkt lijkt het naar boven toe breder te worden. Ik kan me hierin vergissen, maar dat is de uitwerking die het op mij heeft. Ik heb het idee dat er speling zit in de opgestapelde schijven, dat het niet symmetrisch is. Het materiaal is niet natuurlijk maar past zich toch makkelijk aan de omgeving aan. Je kunt het beeld zelfs als een soort boom bekijken, van gestapelde stammen. Eigenlijk is het een industrieel object, of een industrieel vormgegeven ding, eerder een product dan een beeld. Maar het heeft geen eenduidige identiteit, het is een rijk en divers ding dat openstaat voor allerlei interpretaties."

"Vroeger werden beelden in de stad vooral gebruikt om te camoufleren dat bepaalde pleinen niet zo mooi zijn. In Amsterdam zijn we nu heel goed in architectuur, vooral in de woningbouw. Maar de relatie tussen de openbare ruimte en de beeldende kunst vind ik de laatste jaren redelijk zwak, ik zie niet veel nieuwe beelden verschijnen op nieuwe plekken. Beelden kunnen een bepaalde markering geven aan de stad, kruispunten aangeven en signalen afgeven, maar vooral kunnen ze een specifieke ruimte om zich heen creëren, die de plek in de stad maakt tot net iets meer dan alleen maar bijvoorbeeld een plein. Dit beeld van André Volten creëert een ruimtelijke werking om zich heen, zo ongeveer caleidoscopisch van uit het object. Ruimte maken kan ook op een andere manier dan door het plaatsen van vier muren."

"Ik denk dat ik in mijn eigen werk onbewust sterk ben beïnvloed door dit beeld. Ik ben het tegengekomen en erdoor gefascineerd geraakt. Ik ga niet op zoek naar beelden. Misschien ben ik naar aanleiding van dit beeld op enkele van de ideeën gekomen die een rol spelen in mijn eigen werk, zoals de spiraal- en de helixvorm. Voor het Mercedes Benz Museum dat ik nu in Stuttgart bouw, heb ik het idee gebruikt van het in elkaar schuiven van schijven. Bij de Prins Clausbrug in Utrecht heb ik iets gebruikt wat ik heb gezien bij Volten, de brug begint namelijk onderin smal en heeft een brede bovenkant. Een brug heeft doorgaans vier façades, maar ook het idee dat ik had voor 2000 façades heeft misschien te maken met het beeld van Volten. Er is een verhaal over Mies von der Rohe, die elke dag op weg naar zijn werk langs een van de grote stalen bruggen in Berlijn kwam. Dat beeld zou volgens collega’s grote invloed hebben gehad op zijn werk. Bij mij werkt het ook zo: ik kom dingen tegen waar ik aan blijf vastplakken. Dat is ook de kracht van goede architectuur. Als je niet terugkomt naar een gebouw dan weet ik zeker dat het niks is."

Interview: Merel van Tilburg

  • 9789080864955.jpgYoup-van_t-Hek-1240.jpgMaria_Goos.jpg
  • ________________________________________________________________________

e-mail Terug naar home