Mr Cees van Lede, ex-voorzitter RvB Akzo Nobel

‘WAT VOOR KUNSTENAARS HET NORMALE IS, IS VOOR MIJ HET ABNORMALE’

 

dd0217f7-6880-435f-a1e1-3fb22504c632_Lede169.jpg5837137.jpgnympheas-monet.jpg_______________________________________

wie? who?met wie?wat?film blad boekinternetinsteek contact

Ik heb een onwaarschijnlijke bewondering voor hoe kunstenaars emoties in beeld kunnen brengen. Misschien wel omdat ik dat zelf absoluut niet kan. Ik zou niet eens weten waar ik zou moeten beginnen.

Interview: Koos de Wilt voor in Passie voor Kunst en te zien bij het AVRO televisieprogramma Liefhebbers

De familie van mijn vader zijn allemaal ondernemers, jeneverstokers. Aan mijn moeders kant waren het juristen en politici. Mijn grootvader was jarenlang voorzitter van de Kamer en is ook minister geweest. Bij ons thuis werd niet veel aan kunst gedaan. Mijn grootvader van vaders zijde was een behoorlijke verzamelaar en deed in zijn tijd aan moderne kunst. In het bijzonder Jan Toorop en Willem van Konijnenburg, schilders met een beetje mystieke kunst. In zijn huis hingen van die kolossale schilderijen. Hij had ook een huis waar dat kon. Dat heeft bij mij altijd wel wat achtergelaten. Toen ik voorzitter werd bij Akzo Nobel heb ik mij zo afgevraagd of wij niet wat meer met jonge beeldende kunstenaars zouden moeten doen. Daar waren verschillende redenen voor. Eén: bij zo’n gediversifieerd concern als het onze moet je zoeken naar gemeenschappelijke noemers waar mensen zich van Vuurland tot Groenland in zich kunnen vinden. Twee: we hadden net een nieuw programma opgestart, Akzo Nobel for Young Talent, dat over muziek ging. Daar pasten ook heel goed jonge beeldende kunstenaars bij. Drie: we hadden net een nieuw kantoor betrokken in Arnhem en daar was nog niet goed nagedacht over hoe we dat konden aankleden. Er was kunst, oud en modern, variërend van heel goed tot absoluut waardeloos, alles door elkaar, maar daar zat geen enkel systeem in.

 

Presentatie3_2.jpgPresentatie3_2_2_2.jpgPresentatie3_2_2.jpg

________________________________________________________

Bekijk de intro’s van het AVRO programma Liefhebbers over deze gasten

Toen hebben we bedacht een aparte stichting te op te richten om dat te structureren. Daar hebben we toen Hester Alberdingk Thijm voor aangetrokken, die de nodige ervaring had opgedaan bij Boijmans en de Beurs van Berlage. En dat project is een geweldig succes geworden met een fantastische collectie van honderden werken. Allemaal hedendaagse kunst van jonge kunstenaars uit het buitenland en uit Nederland, zoals Vrieling, Vermeulen, Van den Broeck, Zandvliet e.d. We wilden geen postzegelverzameling, dus niet van alles één, maar een die bestond uit een aantal thema’s. Het belangrijkste criterium was dat het jong moest zijn. Het werk is semi-figuratief en non-figuratief. Ik vind het allemaal heel spannend. Je moet je erin onderdompelen en er soms behoorlijke moeite voor doen. In sommige werken zie ik niks, maar daar moet je de vrijheid in geven. Het gaat ten slotte niet om mij. We geven de mensen veel ruimte Een Raad van Bestuur kan zich niet overal mee bemoeien. Je moet ruimte geven.

 

JM_Hessels.jpg57382-a.jpgwinniesorgdrager.jpg__________________________________________________________

‘Toen ik voorzitter werd bij Akzo Nobel heb ik mij zo afgevraagd
of wij niet wat meer met jonge beeldende kunstenaars zouden moeten doen.

Een bedrijf als Akzo Nobel heeft een functie die verder gaat dan het maken van verf of pillen. Je moet goed ingeplant zijn in de samenleving. Dat kun je op verschillende manieren doen. Wij doen dat bijvoorbeeld door aandacht te geven aan jong talent. Dat vullen we in met kunst en met sport. In sport sponsoren wij dan niet de gearriveerde spelers van Vitesse, maar juist het aanstormend talent, dus sponsoren we de busjes die jonge spelers van school naar de training rijden. Voor de mensen die bij ons komen werken gaat het vooral waar je voor staat, niet meer alleen om wat je maakt. Voor een deel van de sollicitanten gaat het gewoon om vraag en aanbod, maar mensen vanaf een bepaald niveau hebben al lang bestudeerd wat je in de aanbieding hebt en willen de soft values van het bedrijf weten, de functie in de samenleving. Dat is enorm veranderd in de tijd. De mensen zijn tegenwoordig veel individualistischer geworden. Zij kiezen een bedrijf, terwijl vroeger de bedrijven de mensen kozen. ‘Kom maar bij ons’, was het vroeger. ‘Wij zorgen voor je en je haalt bij ons je pensioen’. Dat idee van lifetime employment is zelfs in Japan aan het wankelen. Mijn ouders waren verschrikt toen ik besloot weg te gaan bij de Shell. Tegenwoordig kijken mensen veel meer of het bedrijf past bij hun opvattingen over de maatschappij. Een kunstcollectie kan daarin een rol spelen. In het begin moesten we intern een flinke dosis weerstand overwinnen. Dat hangt samen met de functie van een hoofdkantoor. Die is nergens geliefd en dat moet vooral zo blijven, want je moet druk hebben om de kosten laag te houden.

 

Als het hoofdkantoor begint met een kunstcollectie dan wordt er eerst gezegd dat er geld over de balk wordt gegooid. Maar na een tijdje, als je bijvoorbeeld eens wat weghaalt, dan missen mensen het. Dan voelen mensen zich geamputeerd, alsof er een stukje van de identiteit weggehaald is. Daar gaat het om. Kunst is dus enerzijds communicatie naar buiten, anderzijds werkt het intern zeer bindend. Al was het maar omdat het uitlokt tot interne discussie. De ene vindt het namelijk prachtig en de andere vindt het knudde. In het buitenland gaan bedrijven daar van oudsher anders mee om. In de Angelsaksische cultuur verdient men behoorlijk veel meer dan hier, maar daar staat tegenover dat het persoonlijke mecenaat er veel groter is. Daar geven mensen gigantische bedragen aan oude universiteiten, goede doelen en kunst. In Nederland wil je daarvoor niet in de krant, in Amerika juist wel. Bedrijven worden daar ook veel meer op aangekeken dan hier. Sara Lee bijvoorbeeld is bekend om zijn fenomenale kunstcollectie. Maar je ziet het ook in Duitsland, waar bijvoorbeeld de Deutsche Bank een prachtige collectie heeft. Ik heb niets tegen het mecenaat door bedrijven. Als het bij de overheid komt, dan verambtelijkt het. Daar kan de overheid verder niets aan doen. Zij probeert alles te objectiveren, maar kunst is niet te objectiveren, het heeft te maken met smaak en dat is niet op schaaltje te wegen. Wat met goede bedoelingen is gestart bij de BKR, is uitgelopen in pakhuizen met bergen “kunst”. Mijn grootvader en zijn zusters hebben indertijd Toorop een tijdje geholpen. Zo ging dat en zo gaat dat nog steeds. En daar is niks mis mee.

 

AL7_3005_SCHNABEL_480126b.jpgimg3.jpgunilever.span.jpg__________________________________________________________

‘Een bedrijf als Akzo Nobel heeft een functie die verder gaat dan
het maken van verf of pillen. Je moet goed ingeplant zijn in de
samenleving.’

Ik kan een stimulans putten uit mensen die volstrekt anders naar het leven kijken dan ik. Misschien juist omdat mijn dagelijkse invalshoek is om op rationele manier naar dingen te kijken. Daar ben ik voor ingehuurd en zo zit ik waarschijnlijk ook in elkaar. Ik tracht dingen te ontdoen van hun sentimenten en probeer ze naar de kern terug te brengen. Daarbij besef ik dat mensen zich niet laten motiveren door ratio alleen. Als je praat met kunstenaars dan is voor hen het normale wat voor mij het abnormale is. En omgekeerd . En zo nu en dan vind ik dat geweldig. Ik heb ook een onwaarschijnlijke bewondering voor hoe kunstenaars emoties in beeld kunnen brengen. Misschien wel omdat ik dat zelf absoluut niet kan. Ik zou niet eens weten waar ik zou moeten beginnen. Ik ben zelf altijd een gepassioneerd liefhebber geweest van Claude Monet. Als je van een afstand naar een schilderij van hem kijkt en je loopt er naartoe dan zie dat het is opgebouwd uit kloddertroep. Dat vind ik iets fabelachtigs! Hoe zitten die hersens in elkaar om dat op doek te brengen, denk ik dan. Dat dat ‘licht’ niet een wit streepje is, maar dat je het zo afbeeldt dat je tot de essentie komt! Mij boeit hoe iemand daar komt.

 

Emile Zola beschrijft in L’oeuvre de kunstenaar die gepassioneerd bezig is met zijn werk en daarin helemaal doorslaat, aan drank geraakt en uiteindelijk failliet gaat. Die wereld ligt ver van mij, maar ik vind het wel fascinerend om daarover te lezen. Ook andere schrijvers uit de periode, zoals Stefan Zweig, boeien mij zeer. Dat is kunst van een andere tijd: daar gaat het mij om de emotie. Supermoderne kunstuitingen vind ik vooral spannend, niet echt ontroerend, eerder confronterend en hard. Het heeft een hoge graad van professionalisme en zet je aan tot denken, want het vertelt niet duidelijk wat er bedoeld is. Mooi is als kunst zowel spannend als emotioneel is. De twee vingers van God en Adam die elkaar raken in de Sixtijnse Kapel van Michelangelo of het Laatste Avondmaal van Leonardo da Vinci in Milaan hebben dat beide. Maar ook Jan Toorop en Jan Adam Zandleven hebben zowel spanning als emotie in hun werk. Zandleven was een autodidact en is misschien wat saai in zijn composities, maar wel fabelachtig in zijn techniek. Van deze schilders heb ik een aantal werken hangen. Ik wil ook nog wat bijkopen, want ik wil alledrie mijn kinderen een Toorop en een Zandleven geven.

 

‘Het intrigeert mij hoe ze denken en waarom ze dingen doen. Daar
moet je je ogen voor open houden, zoals je in je bedrijf ook goed
contact moet houden met je jongste medewerkers.

Waarschijnlijk ben ik beter in besturen/ondernemen dan in kunstuitingen. Die combinatie is belangrijk voor mij. Ondernemen is een instelling. Je kunt ondernemen ook in een universitaire baan of bijvoorbeeld door het opzetten van een kunstcollectie. Dat doe je omdat je constant bezig wilt zijn met nieuwe ideeën. Tegelijkertijd moet je ook rationeel blijven. /Als ondernemer ben ik aan de voorzichtige kant. Ik ga niet graag voorbij aan de financiële risico’s. Ik ben niet zo erg wild, maar kijk goed naar de risiconiveaus. Het is de combinatie, want met ratio alleen kom je er niet. Je hebt creativiteit nodig en nieuwe ideeën. Veel kunstenaars – maar zeker niet allen – bevinden zich aan de voorkant van de samenleving. Het intrigeert mij hoe ze denken en waarom ze dingen doen. Daar moet je je ogen voor open houden, zoals je in je bedrijf ook goed contact moet houden met je jongste medewerkers. Je moet constant zorgen dat je jongeren erbij krijgt, die maken immers de toekomst. Anders verlies je voor je het weet het contact. Als je ziet hoe fundamenteel verschillend het leven van onze kinderen is ingericht ten opzichte van toen ik begonnen ben. Wij zijn zaten besloten in de zuil met strak burgerlijke normen, nu is dat allemaal weg. Er zijn nu veel meer vrijheidsgraden. Wat zij mooi en belangrijk vonden is een wereld van verschil. Sommige bedrijven gaan er voortreffelijk mee om, andere niet. Je moet er open voor staan, maar je niet laten gek maken. In de ICT was op gegeven moment het gezond verstand op hol geslagen. Men zag allemaal visioenen die te ver gingen, maar wee je gebeente als je niet meegaat. Want ondertussen is de hele manier van communiceren compleet veranderd.

 

Toen ik in buitenland studeerde, schreef ik elke week een brief aan mijn ouders. Toen onze kinderen naar het buitenland gingen, heb ik misschien één brief gekregen. Ze belden – collect call natuurlijk – en stuurden me mailtjes. Soms denk ik: als we niet uitkijken dan zijn we de hele dag bezig elkaars antwoordapparaat in te spreken. Dat is compleet anders dan in onze tijd. Onze generatie is opgegroeid met een lage mobiliteit. In het weekend zag je je familie en dat was het dan. Ik moest eraan wennen toen mijn kinderen zeiden dat ze naar huis gingen als ze hun studentenhuis bedoelden. Dat is het individualisme, de maatschappij waarin mannen en vrouwen beiden werken en waarbij de carrière soms meer levensinvulling geeft dan het hebben van een gezin. Ik geef daar geen oordeel over. Het leidt tot bepaalde problemen, maar die zal deze generatie ook wel weer oplossen. In deze tijd zijn er veel grotere ontplooiingskansen voor iedereen, onafhankelijk van inkomen en onafhankelijk van geslacht. Dat vind ik geweldig. Het is dom als je vrouwen laat studeren die er vervolgens niks mee doen. Ik juich het toe dat iedereen met een zekere inspanning iedere plek kan bereiken in de samenleving. Dat zijn positieve waarden. Maar anderzijds geeft de vluchtigheid veel minder cohesie in de samenleving. Dat zie je tot en met het stemgedrag. Maar ik zeg dan: leg de verantwoordelijkheid ook maar bij deze generatie. Als ze dat zo willen, dan lossen ze het ook op.

 

___________________________________________________________________________________

Hieronder een aantal van de interviews van het boek en enkele elders gepubliceerde interviews over persoonlijke kunstbeleving en persoonlijke drijfveren:
H.J.A. Hofland, journalist
Matthijs van Nieuwkerk, journalist en televisiemaker
Femke Halsema, politica
Anthony Burgmans, voorzitter raad van bestuur Unilever
Dick Scheringa, ondernemer en museumdirecteur
Masha Trebukova, kunstenares
Kees van Twist, museumdirecteur
Sjaar van Heugten & Andreas Bluhm (van Gogh Museum)
Henk Helmantel, kunstenaar
Aaron Betsky, architectuurdeskundige
Herman Krikhaar, ex-kunsthandelaar/kunstenaar
Ruut Veenhoven, geluksprofessor
Tineke Bahlmann, organisatie-adviseur
Maya Bergmans, directeur Promenade Hotel
Sacha Tanja, conservator
Helleen Pott, filosoof
Hans Galjaard, wetenschapper
Rob van Vuure, tijdschriftenmaker
Gerrit Jan Wolffensperger, ex-voorzitter RvB NOS
Karel Vuursteen, ex-voorzitter RvB Heineken
Jeltje van Nieuwenhoven, politica
Joost van Heijningen Nanninga, headhunter
Cees van Lede, ex-voorzitter RvB Akzo Nobel
Robert Noortman, kunsthandelaar
Jan des Bouvrie, ontwerper
Erik de Vlieger, ondernemer
Jop Ubbens, algemeen directeur Christie’s
Harry Starren, management-deskundige
Marion Bloem, kunstenares en schrijfster
Ronald de Leeuw, hoofddirecteur Rijksmuseum
Cees Dam, architect
Thom C. de Graaf, burgemeester
Anton Zijderveld, hoogleraar sociologie
Ans Markus, beeldend kunstenares
Erik Kessels, reclameman
Frans Weisz, regisseur
Jacques Schraven
, ex-voorzitter VNO-NCW
Jan Michiel Hessels, bestuurder
Otto van der Gablentz, ex-ambassadeur
Paul Schnabel, directeur CPB
Reinbert de Leeuw, dirigent, pianist en componist
Vincent Mentzel, fotograaf NRC Handelsblad
Winnie Sorgdrager, voorzitter raad voor cultuur

_____________________

Terug naar de homepage