top of page
DSC05738.JPG

Aan een doodgewone cv-radiator bovenaan de trap blijkt de leiding er ineens uit te zien als een rare piemel.  Een Jan Dirk van der Burg moment...

Wandelen met Fotograaf des Vaderlands Jan Dirk van der Burg

 

OVER OLIFANTENPAADJES

Binnenkort start zijn tentoonstelling in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam met Typisch Nederland, de overzichtstentoonstelling over hoe de Fotograaf des Vaderlands zijn land ziet. Wandelen met de Jan Dirk van der Burg (1978) door de Amsterdamse Watergraafsmeer betekent dat je ineens dat andere Nederland gaat zien, allerlei alledaagse dingen die je normaal gesproken ontgaan.

Tekst & beeld Koos de Wilt voor COLLECT

 

02.Elburg_hekpaadje.jpg

Een typisch olifantenpaadje vastgelegd door de Fotograaf des Vaderland Jan Dirk van der Burg

DSC05768.JPG
DSC05769.JPG

'Dit zou zomaar een serie kunnen worden. Moet je eens kijken met hoeveel zorg de flesjes zijn neergezet.’

DSC05774.JPG

Op de hoek van een woonblok zijn bij wijze van altaar een paar kaarsen neergezet.

IMG_1581.jpeg
IMG_1585.jpeg

Om de andere hoek een grasveldje waarbij gemeentewerkers het gras zorgvuldig hebben weggemaaid rondom de tulpen. ‘Dat zijn typisch van die zaken die worden besproken op inspraakavonden waar ik graag naartoe ga.’

IMG_1587.jpeg

Weer verderop hebben mensen op hetzelfde grasveld een lap kunstgras neergelegd. ‘Waarschijnlijk om een olifantenpaadje te maskeren.’

IMG_1612.jpeg
IMG_1604.jpeg
IMG_1607.jpeg

Betondorp, de wijk waar ooit het Ajax stadion De Meer aan lag en waar Johan Cruyff, Ed van der Elsken en Gerard Reve ooit zijn opgegroeid. Op de Brink, in het hart van het betonnen tuindorp uit de jaren twintig, poseert de fotograaf bij een parkeermeter met een afbeelding van de beroemde nummer veertien.

IMG_1597.jpeg
IMG_1615.jpeg

‘Wat Marcel van Roosmalen schrijft, fotografeer ik. Wij zien dan dezelfde palm hier in de tuintjes staan en kunnen daar gefascineerd naar kijken.’

Op de terugweg door het prachtig aangeharkte Park Frankendael neemt de fotograaf een korte afslag door het gras. Het begin misschien van een olifantenpad als meer mensen die route zouden volgen.

Van der Burg maakt het normale raar en humoristisch. Het begint al bovenaan de trap van het schoolgebouw in Amsterdam-Oost waar hij zijn atelier deelt met een paar andere creatieven en journalisten. Aan een doodgewone cv-radiator bovenaan de trap blijkt de leiding er ineens uit te zien als een rare piemel. Een eerste associatie en zo gaat het maar door. Hij laat een uitdraai zien voor de tentoonstelling in het Nederlands Fotomuseum en we kijken naar mannen die hun auto wassen en hoe een ervan in Gorinchem daar een speciaal krukje voor schijnt te hebben aangeschaft, voor het wassen van het dak. Zijn er gemeenten waar de kans groter is dat je dat eerder opvalt? Van der Burg: ‘Steden als Dordrecht en Gorinchem doen het goed. Ik was van de week in Tilburg en daar was tot mijn verrassing niet zoveel te vinden. Ik ben zelf opgegroeid in Zoetermeer en daar ligt het voor het oprapen. Ik ben nu bezig met een boek dat Typisch Nederland heet, maar het had ook Typisch Zoetermeer kunnen heten.’ Ook in Amsterdam-Oost is er het nodige te ontdekken, zo is de ervaring van de fotograaf als hij door Park Frankendael over een houten hangbrug wandelt richting de arbeiderswijk Amsteldorp. ‘Als ik met mijn camera voorbij kom lopen in een wijk, kijken mensen vaak om zich heen waar het foto-onderwerp is’, vertelt de fotograaf als hij het zebrapad neemt. ‘Ze realiseren zich dan niet dat het hun containertuintjes zijn, dat het hun mooi in het groen geplaatste Boeddhabeeld is of dat ze het zelf zijn. Mensen bellen ook meer dan eens de politie omdat ze een verdacht persoon in de buurt hebben gezien die vreemd om zich heen kijkt.’ Het verbaast Van der Burg anderzijds dat hij ziet wat anderen niet zien. ‘We herkennen ons toch allemaal wel in de man met de grote boodschappentas op de huishoudbeurs die op zijn hamsterende vrouw wacht. Tenminste, als je weleens meegaat met je vrouw als die echt maar een of twee boetiekjes wil bekijken. Het gaat in mijn werk eigenlijk vaak over hoe ik mijzelf door het leven heen probeer te ploegen. Het is een vrolijke overlevingsstrategie.’

 

‘Als ik met mijn camera voorbij kom lopen in een wijk, kijken mensen vaak om zich heen waar het foto-onderwerp is.’

Martin Parr

De fotocarrière van Van der Burg begon tijdens zijn opleiding. ‘Ik heb eerst journalistiek gestudeerd met een differentiatie fotografie en ben in die tijd bij de Apeldoornse Courant stage gaan lopen. Ik kon er toen nog geen hout van, maar wilde wel fotojournalist worden in de traditie van Robert Capa en de wereldgeschiedenis vastleggen. Ondertussen zou ik dan met mijn camera losjes over mijn schouder in de kroeg staan om mooie verhalen te vertellen aan de dames. Later op de academie begon ik meer esthetisch te werken. Ik ben toen tijdens een stage een keer voor een krant naar Artis gestuurd om een jong olifantje te fotograferen en daar heb ik toen iets heel moois van proberen te maken. Mooi in perspectief en waar ik de lens scherp zette op het nootje dat hij at. Dat bleek dus totaal niet de bedoeling te zijn geweest. Woedend waren ze bij de redactie. Hoe moeilijk kan het zijn om een klein olifantje te fotograferen? In mijn derde jaar van de fotoacademie moest ik een goed idee krijgen om af te kunnen studeren. Het was de tijd dat ik bezig was met Martin Parrachtige beelden. Drie maanden voor mijn afstuderen ben ik toen bij kantoren gaan aanbellen en heb de mensen daar gevraagd of ik binnen wat foto’s mocht komen maken. En dat bleek midden in de roos te zijn. Ik zag in dat ik niet naar de andere kant van de wereld hoefde te reizen, maar dat de dingen waar we de hele dag tegenaan kijken ook in een andere context konden worden gezet. Van Martin Parr leerde ik dat je niet hoeft te fotograferen waar het mis gaat of waar het fantastisch gaat, maar dat er een hele wereld tussenin zit. Daar zit 95 procent van het leven.’

 

‘Het gaat in mijn werk eigenlijk vaak over hoe ik zelf door het leven heen probeer te ploegen. Het is een vrolijke overlevingsstrategie.’ar dat er een hele wereld tussenin zit. Daar zit 95 procent van het leven.’

 

Olifantenpaadje

Op een andere manier naar de wereld om ons heen kijken, zat er al vroeg in. ‘Ik ben opgegroeid op een varkenshouderij in de weilanden rond Zoetermeer en kon als jochie urenlang naar de koeien kijken op het land van de buren. Ik kon ook mensen eindeloos aanstaren, zo vertelde mijn moeder. Schaamteloos. Dat ben ik gaan doen.’ De fotograaf stopt bij een tuintje dat is afgezet met bierflesjes. ‘Dit zou zomaar een serie kunnen worden. Moet je eens kijken met hoeveel zorg de flesjes zijn neergezet.’ Even verderop ook een plek die een begin zou kunnen zijn van een serie in de krant. Op de hoek van een woonblok zijn bij wijze van altaar een paar kaarsen neergezet en is op het elektriciteitskastje ernaast de tekst geschreven: ‘De gene die hier gedenkspullen jat meeneemt wordt verzocht hier mee te stoppen! #disrespect’. Om de andere hoek een grasveldje waarbij gemeentewerkers het gras zorgvuldig hebben weggemaaid rondom de tulpen. ‘Dat zijn typisch van die zaken die worden besproken op inspraakavonden waar ik graag naartoe ga.’ Weer verderop is op een grasveld een lap kunstgras neergelegd. ‘Waarschijnlijk om een olifantenpaadje te maskeren. Veel mensen kennen mijn serie over die paadjes, van die kortere weggetjes die mensen bewandelen naast het officiële pad. Het woord olifantenpaadje heeft het zelfs gehaald in Van Dale. Daar heb ik een fotoboek van gemaakt die inmiddels een collectors item is geworden en waar mensen tegenwoordig honderden guldens voor betalen. Die olifantenpaadjes zijn een metafoor voor hoe mensen in het leven staan. We zoeken allemaal onze eigen olifantenpaadjes in hun leven.’

‘Van Martin Parr leerde ik dat je niet hoeft te fotograferen waar het mis gaat of waar het fantastisch gaat'

 

Van der Burg neemt vanaf Amsteldorp de Middenweg langs de begraafplaats De Nieuwe Ooster, op weg naar Betondorp, de wijk waar ooit het Ajax stadion De Meer aan lag en waar Johan Cruyff, Ed van der Elsken en Gerard Reve ooit zijn opgegroeid. Hij wandelt langs een palmboom in een voortuin en merkt op dat Nederlanders vroeger een conifeer in hun tuin zetten, nu een Chinese waaierpalm. Op de Brink, in het hart van het betonnen tuindorp uit de jaren twintig, poseert de fotograaf bij een parkeermeter met een afbeelding van de beroemde nummer veertien. ‘Ook Marcel van Roosmalen woonde hier en omdat hij twee kinderen had, moest hij met zijn gezin groter wonen en is hij in Wormer beland, een dorpje boven Amsterdam. Die omgeving levert hem ook weer heel veel nieuwe inspiratie op zoals Betondorp dat ervoor deed. Wat Marcel schrijft, fotografeer ik. Wij zien een beetje dezelfde dingen. Hij ziet mijn foto’s dan ook als een soort beeldend bewijsmateriaal voor wat hij schrijft.’

 

Wibautstraat

Op de terugweg door het prachtig aangeharkte Park Frankendael neemt de fotograaf een korte afslag door het gras. Het begin misschien van een olifantenpad als meer mensen die wandelroute zouden volgen. ‘Wat ik zelf mooi vind, komt vaak helemaal niet overeen met wat de meeste mensen mooi vinden’, zegt Van der Burg. ‘In een rubriek in Het Parool noemen mensen vaak de Wibautstraat de lelijkste plek van de stad, een rare racebaan die naar het centrum van de stad leidt. Dat vind ik helemaal niet. Kennelijk vinden ze dat alles eruit moet zien als de Keizersgracht of de Negen Straatjes. Maar ik vind dat daar het leven uitgeslagen is.’ Dingen zien die andere niet zien en schoonheid ervan herkennen is het terrein van kunstenaars. Voelt Van der Burg zich ook een kunstenaar? ‘Als ik een aanvraag doe bij het Mondriaanfonds moet ik vaak ontzettend mijn best doen om te bewijzen dat het ook ben. Soms lukt dat. Maar ik zie de rubrieken die heb in NRC en de Volkskrant als mijn expositieruimtes. Daar komt niemand mij vertellen wat ik moet doen en honderdduizenden mensen komen dat vervolgens bekijken. De expositieruimte zoals bij het Nederlands Filmmuseum is niet helemaal mijn comfort zone. Er is een tijd geweest dat ik dacht dat ik vaak naar kunstopeningen moest gaan, maar dan eindigde ik altijd met de conciërge of de stagiaire. Ik weet niet wat dat is. Als Fotograaf des Vaderlands ontmoet je wel meer mensen die in de directie zitten, maar of dat nu leukere mensen zijn in de omgang…?’ En wat nu als hij binnenkort Fotograaf des Vaderlands af is? ‘Mijn vriendin en ik reizen graag door Oost-Europa. Ik ben al jaren bezig met een project in Oekraïne, iets met tassen die je daar overal ziet. Misschien ga ik daarmee verder, als de omstandigheden mij dat toestaan. Maar alles heeft daar nu een andere betekenis gekregen.’

 

Typisch Nederland [tentoonstelling)

Nederlands Fotomuseum
Statendam 1 (Wilhelminapier)
Rotterdam

3 juli t/m 30 oktober 2022

 

Typisch Nederland [boek]

volgens Jan Dirk van der Burg

nai010 uitgeversISBN 978-94-6208-666-1

[2022]

 

collect
bottom of page