‘Ik durf de confrontatie weer aan te gaan’

Kunstenaar Folkert de Jong over zijn verleden, heden en toekomst

Wereldberoemd werd hij in het begin van deze nieuwe eeuw. Hij leefde als een soort popster in de kunst. Toen kwam de crisis en veranderde alles. Ook Folkert de Jong (Egmond aan Zee, 1972) ging nieuwe wegen zoeken. Hij werd vader en werkt tegenwoordig in een industrieloods in Krommenie. Juist hier ervaart hij de verbinding met de thema’s die hem intrigeren. Koos de Wilt voor het blad Wijzer van de Rabobank private banking.

Een prettige chaos kun je het noemen. Overal door de enorme ruimte liggen stukken schuimplastic, spuitbussen, emmertjes, afdrukken van bustes, valhelmen, delen van etalagepoppen, bouwmateriaal, bussen met hardschuim. In een industriële loods in het Noord-Hollandse Krommenie, weg van bruisende kunstscène, deelt kunstenaar Folkert de Jong een groot atelier met zijn vriendin en moeder van zijn jonge kinderen. Zij werkt met textiel en hij maakt beelden. Hoezo samen een atelier delen? ‘Ik zie alleen maar voordelen. We brengen de kinderen naar school en gaan dan samen naar ons atelier. Ik vind het fijn om niet alleen te zitten en bovendien is mijn vriendin mijn grootste criticus. Niets verlaat de studio zonder haar goedkeuring. Zij ziet goed welke plaats een nieuw werk in mijn oeuvre inneemt en of het al of niet een stap vooruit is. Ieder nieuw werk moet toch steeds een nieuwe bladzijde zijn in mijn verhaal.’

‘Van het feestelijke en vluchtige van schuimplastic ben ik overgestapt naar meer duurzame, doordachte beelden in brons.’

Weg van de glamour

Voor 2008 was het de regel dat alles al vóór de opening van galerietentoonstellingen was verkocht. E