‘Wij hadden geen Hobbema, de enige die er was, heeft de Nederlandse staat aan Canada geschonken voor hun diensten in de oorlog.'

‘De tunnel is een plek van iedereen. Het vervult me met een gevoel van trots dat we dat in Nederland hebben.’

N-cover-dec-19.jpg

'Toen ik na lange tijd in buitenland te hebben gewoond weer terug was, zag ik weer hoe bijzonder die tunnel eigenlijk was. Vooral in de winter, met de lage zon, schijnt het licht schitterend door de tunnel, bijna magisch met al die silhouetten.'

Na de monumentale trappen belandt de hoofddirecteur in de grote zaal voor de eregalerij.

Heel bijzonder is dat grote Zuid-Nederlandse namen als Rubens, Brueghel, Van Eyck na de afscheiding van België in 1830 ineens niet meer tot de Nederlandse geschiedenis zijn gaan behoren.'

'De Adolf en Catharina Croeser aan de Oude Delft mocht ik in 2004 voor het museum aanschaffen voor 12,5 miljoen euro, toen de grootste aankoop van het museum ooit.’

Aan het einde van de eregalerij hangt de Nachtwacht in een grote glazen vitrine waarin onderzoekers aan het werk bezig zijn.

We lopen naar de lift waar Dibbits een Amerikaanse vrouw in rolstoel vraagt of ze gebruik heeft gemaakt van de speciale plattegrond voor rolstoelers.

The most expensive minibar ever

Dibbits: ‘Het waren zulke mooie werken dat de Japanse keizer er een exportverbod op deed. Twaalf exemplaren van een lakkist bracht de VOC naar Europa, elf ervan waren in collecties van musea. Eentje was sinds de Tweede Wereldoorlog vermist, de grootste. We weten dat Kardinaal Mazarin, de eerste minister van Frankrijk, naar verluidt de rijkste persoon van zijn tijd, en belangrijkste kunstverzamelaar van het moment, er twee had gekocht, een ervan is de vermiste. Die kwam boven bij een klein veilinghuis in het plaatsje Cheverny in Frankrijk. Het kwam uit de boedel van Nederlands Frans stel die net na de oorlog in Londen een huis had gekocht met een inboedel waar ook de kist nog stond. Na de pensionering van de man ging het stel in Frankrijk wonen. Na zijn dood werd een mooie klok uit boedel aangeboden bij het kleine veilinghuis. Toen de veilingmeester nog even een borrel dronk in het huis zag hij dat de flessen whisky uit een oude kist werden gehaald. De ontbrekende kist, zo bleek al snel. Het werd voor 200 à 300 duizend pond aangeboden. Wij van het museum vonden allemaal dat we ervoor moesten gaan. Ik heb toen het Jaffé-Pierson Stichting, een oude stichting geleid door oudere heren, gebeld die ik voorstelde om alles wat ze hadden voor de aankoop ter beschikking te stellen en zich daarna op te hebben. Toen hadden we drie miljoen. Toen kwam de BankGiro Loterij en Vereniging Rembrandt erbij. Uiteindelijk hebben we ‘m toen voor 7,3 miljoen gekocht. ‘The most expensive minibar ever’, kopte de Britse tabloid Sun. Van de zomer is de restauratie klaar en wordt hij getoond.’

De wandeling met Taco Dibbits, hoofddirecteur Rijksmuseum Amsterdam

 

‘JE MOET HET TOEVAL ORGANISEREN’           

 

Tekst en foto's van Koos de Wilt voor Collect

 

De hoofddirecteur wandelt de trappen af van het kantoorgebouw van het Rijks. Vanuit hier keek hij de afgelopen jaren op de tuinen van het Rijksmuseum naar beelden van Henry Moore, Alexander Calder, Joan Miró en Jean Dubuffet. Nu staan er enorme spinnen van Louise Bourgeois en komende zomer een beeldententoonstelling van Elsworth Kelly.  ‘Als baby speelde ik hier al’, zo vertelt Taco Dibbits als hij door de hekken in de tuinen aankomt. ‘Toen stelde het nog niet zo veel voor. Dat is tegenwoordig wel anders. We kunnen topnamen met topwerk krijgen door bijdragen van particulieren die ons een warm hart toedragen. En volgend jaar hebben we hier ook schooltuinen. De Basisschool Oostelijke Eilanden in Amsterdam heeft de prijs gewonnen en samen met onze chef Joris Bijdendijk ben ik bij ze langs geweest. De tuin moet natuurlijk wel wat te eten opbrengen. Een van de kinderen huilde van geluk. Ik merk dat mensen zich heel graag willen verbinden met ons museum. Voor de tentoonstelling Lang leve Rembrandt hadden we zo’n achtduizend inzendingen van mensen uit Nederland en buitenland die hun eigen werk wel aan de wanden van het museum wilden zien, van kinderen tot politieagenten en voetbalclubs.’

 

Winters licht

Dibbits wandelt langs de oostkant van de tuin naar de voorzijde van het museum waar nog een andere spin van Bourgeois het gevecht lijkt aan te gaan met een zeventiende-eeuws beeld van een atleet. Dibbits loopt verder naar de beroemde fiets- en wandeltunnel onder het Rijksmuseum. ‘Als kind woonde ik driehoog achter op de Keizersgracht en fietste elke dag door deze tunnel naar mijn school. Toen ik na lange tijd in buitenland te hebben gewoond weer terug was, zag ik weer hoe bijzonder die tunnel eigenlijk was. Vooral in de winter, met de lage zon, schijnt het licht schitterend door de tunnel, bijna magisch met al die silhouetten. Het is een plek van iedereen. Het vervult me met een gevoel van trots dat we dat in Nederland hebben.’

 

‘Ik vind het katholieke verhaal een onlosmakelijk onderdeel is van de Nederlandse geschiedenis, zoals ook de slavernij en de dekolonisatie van Indonesië een onderdeel zijn.’

Dibbits begroet de beveiliging bij de draaideur bij de entree, raapt een oud ticket van de grond en wandelt de enorme hal in van het museum. Wat wil hij hier eigenlijk bijdragen? ‘Toen ik in 2008 in de directie kwam, had ik als droom dat elk kind in Nederland het recht had de Nachtwacht een keer te zien. Dat is met dit kabinet waarheid geworden. Met de Rembrandttentoonstelling dit jaar hebben we het hoogste bezoekersaantal ooit met meer scholen dan ooit. Toen ik in 2016 als hoofddirecteur begon, had ik als missie dat het museum moest verbinden - mensen, de kunst en geschiedenis. Dat doen we door persoonlijke verhalen te vertellen. Bijvoorbeeld niet alleen het verhaal van Rembrandt als kunstenaar, maar als persoon. Wat ik ook graag wil bijdragen is om naast het Nederlandse verhaal ook het internationale perspectief toe te voegen. Bijvoorbeeld door de tentoonstelling Rembrandt Velázquez nu en komend voorjaar de tentoonstelling Caravaggio-Bernini. Barok in Rome.’

 

Katholiek verleden

Na de monumentale trappen belandt de hoofddirecteur in de grote zaal voor de Eregalerij. Dibbits: ‘Het Rijksmuseum is een initiatief van het Rijk waarbij een paar katholieken een belangrijke emancipatoire rol hebben gespeeld. Victor de Stuers, Alberdingk Thijm en de architect Cuypers hebben een kathedraal voor de kunst neergezet. De wandschilderingen hier verrijken de Nederlandse geschiedenis met katholieke verhalen. De reden overigens waarom koningin Emma en Willem geen voet wilden zetten in dit katholieke klooster. Ik vind dat juist het een onlosmakelijk onderdeel van de Nederlandse geschiedenis, zoals ook de slavernij en de dekolonisatie van Indonesië dat zijn.’  Hoe past de term Gouden eeuw daarbij: Dibbits: ‘Wij blijven de term Gouden Eeuw gebruiken, het was een welvarende tijd en het was op veel terreinen, en zeker voor de schilderkust, echt een Gouden Eeuw. Maar het was ook een complexe eeuw. Er was een oorlog waarin heel veel doden zijn gevallen, er was slavernij en in het oosten van het land was men heel arm. Dat zijn allemaal verhalen die we op verschillende manieren, zoals in tentoonstellingen, maar ook boeken, laten terugkomen. Bijvoorbeeld in de tentoonstelling over de slavernij komend jaar.’

 

‘Het mooie is dat we hier een traditie hebben van polderen bij aankopen, dan blijken er allemaal fondsen te zijn van particulieren die samen veel voor elkaar kunnen krijgen.’

We wandelen de Eregalerij in en Dibbits wijst naar rechts naar het Rockox Triptiek van de Vlaming Peter Paul Rubens. Dibbits: ‘Heel bijzonder is dat grote Zuid-Nederlandse namen als Rubens, Brueghel, Van Eyck na de afscheiding van België in 1830 ineens niet meer tot de Nederlandse geschiedenis zijn gaan behoren. Hun werk, dat toen nog zeker op de markt was, werd toen niet aangeschaft door de mensen achter het Rijksmuseum. Dus toen het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen voor renovatie werd gesloten, hebben we gevraagd of we een paar grote werken, die dat deel van de geschiedenis vertellen, konden lenen, zoals dit altaarstuk. De Rubens hangt nu naast een Frans Hals, zoon uit een Antwerps immigrantengezin.’

 

Aankopen

Voor Dibbits hoofddirecteur was, was hij als directeur collecties, onder andere verantwoordelijk voor de aankopen van Jan Steens Adolf en Catharina Croeser aan de Oude Delft (vroeger bekend als Burgemeester van Delft en zijn dochter’), De bocht van de Herengracht’ van Gerrit Berckheyde en Rembrandts Marten Soolmans en Oopjen Coppit die voor 160 miljoen samen met Frankrijk werd aangeschaft, verreweg de duurste aankoop ooit door Nederlands museum. Hoe werkt zo’n proces? Dibbits: ‘Je moet het toeval organiseren en niet altijd het voorspelbare doen. Je moet je contacten goed onderhouden, je gezicht laten zien, ook zonder dat je gelijk het doel hebt om een aankoop te doen. En als je dan iets ontdekt, moet je er snel bij kunnen zijn. Het mooie is dat we hier een traditie hebben van polderen bij aankopen, dan blijken er allemaal fondsen te zijn van particulieren die samen veel voor elkaar kunnen krijgen. Dan steunen we elkaar. Zo ging dat ook bij de aankoop van een 17de-eeuwse Japanse lakkist in 2013, een aanschaf van 7,3 miljoen euro. Dat werk is nu gerestaureerd en wordt in de zomer getoond aan het publiek.’

 

Dibbits loopt door de Eregalerij. ‘Werken als deze komen nauwelijks meer op de markt. De topwerken van de oude meesters die wel op de markt komen, zijn enorm in prijs gestegen, maar er is niet de gekte voor zoals die bij sommige hedendaagse kunstenaars is. De Adolf en Catharina Croeser aan de Oude Delft, die op de kaft stond van het beroemde boek van The Embarrassment of Riches van Simon Schama, mocht ik in 2004 voor het museum aanschaffen voor 11,9  miljoen euro, toen de grootste aankoop van het museum ooit.’ Maar niet alles hoeft veel te kosten. Soms ook komt er iets naar je toe, zo heeft Dibbits gemerkt: ‘Wij hadden geen Hobbema, de enige die er was, heeft de Nederlandse staat aan Canada geschonken voor hun diensten in de oorlog. Maar op een dag vroeg kunstverzamelaar Willem baron van Dedem of ik eens langs kon komen voor een lunch in zijn huis in Engeland. Tijdens de sla vertelde hij me dat hij zijn Hobbema wel aan het Rijksmuseum wilde schenken.’

 

Aan het einde van de Eregalerij staat de Nachtwacht op een ezel in een grote glazen vitrine waarin onderzoekers aan het werk bezig zijn. Dibbits: ‘Ik had eigenlijk geen andere keuze dan het werk op zaal te laten restaureren. Het is het werk van ons allemaal. Die moet op zaal blijven. Er wordt niet alleen technisch onderzoek verricht naar het schilderij, maar we hebben ook kunstenaar Rineke Dijkstra gevraagd onderzoek te doen. Zij heeft groepen mensen gefilmd die naar de groep mensen van de Nachtwacht kijken. Iedereen ziet er iets anders is, zoals dat bij alle goede kunst zo is.’ Het museum gaat sluiten, zo zegt de omroepstem en het wordt stiller in de Eregalerij. Ook de hoofddirecteur moet opstappen. We lopen naar de lift waar Dibbits een Amerikaanse vrouw in rolstoel vraagt of ze gebruik heeft gemaakt van de speciale plattegrond voor rolstoelers. Beneden begeleidt hij haar naar de lift naar de museumwinkel, vlak voor die ook sluit. ‘Mooi he, dat het museum er echt voor iedereen is…

  • Facebook - Grey Circle
  • LinkedIn - Grey Circle
  • Twitter - Grey Circle
  • Instagram - Grey Circle