cover_UED1V648U1.png

Niels de Boer, kunsthandelaar Vlaamse en Hollandse meesters

 

‘Je winst moet het kijkplezier zijn.’

 

Koos de Wilt voor Collect

 

Het parket kraakt op de Herengracht 512, de stijlkamers zijn hoog en gedecoreerd met wat in de afgelopen eeuwen zoal in de mode was in de hogere kringen. Ooit, in 1687, was het grachtenpand verbonden met de stal aan de andere kant van de binnentuin, op Keizersgracht 617. De eerste bewoner was toen Mr Pieter Six (1655-1703), advocaat, kapitein der Burgerij en schepen van Amsterdam en directe familie van de Jan Six, de regent en schrijver die Rembrandt schilderde in 1654. Sinds zo’n tachtig jaar is Kunsthandel P. de Boer hier gevestigd en alles hierbinnen ademt een eeuwenoude geschiedenis. Aan de wanden en op de vloeren old masters; zeegezichten, stillevens, landschappen, stadsgezichten, portretten en genreschilderijen waarin Niels de Boer (1969) en zijn vader Peter handelen. De kunsthandel startte al in 1922 met oudoom Piet (1894-1974) en later kwam Niels opa Dolf in de zaak. Niels ging ooit kunstgeschiedenis studeren, maar wilde niet de museumwereld in en stopte er daarom mee. Niels: ‘Ik wist in die tijd niet goed wat ik anders wilde, maar half jaren negentig ben ik letterlijk de kunsthandel ingerold. In dit vak gaat het vaak om andere kwaliteiten dan kunsthistorische kennis. Die kennis kun je inhuren. Het begint allemaal met een goed oog, bijzondere dingen kunnen herkennen, of dat nu op een veiling is op ergens op het internet. Ik ben niet een hele goede verkoper. Mijn winst zit in de inkoop, heeft een vriend mij ooit gezegd. Inkopen vind ik ook veel leuker dan verkopen.’

 

‘Toen halverwege de beurs de quarantaine kwam, werd het stiller dan stil, dat heb ik nog nooit meegemaakt.’

Ontdekkinkjes

Kunsthandelaar Niels de Boer moet het hebben van wat hij noemt ‘ontdekkinkjes’, zoals het woeste landschap van de Vlaamse schilder Joos de Momper (1564 -1635) dat in een gouden lijst tegen een schoorsteenmantel staat. De Boer: ‘Ik liep er tegenaan bij een veiling in Italië waar ik naartoe was gegaan om een schilderij te bekijken van Cornelis Saftleven. Mijn oudoom heeft in de jaren dertig nog een tentoonstelling gemaakt over De Momper en zijn tijdgenoten. Dat was toen een reguliere handel. In zijn eigen tijd was De Momper heel succesvol, maar in onze tijd is dat minder bekend. Het zegt iets over de verandering van smaak. Gewild zijn tegenwoordig eerder de maritieme schilderijen of tekeningen van Willem van de Velde, liefst met een kalme zee. Ik vind een stormachtig schilderij veel spannender. Ook deze De Momper is wat anders dan zijn normale werk. Het is wat mysterieuzer, wat impressionistischer, zouden we nu zeggen. Dat maakt het interessant! De Momper is van de generatie van Jan Bruegel I, de schilder die De Momper's landschappen vaak stoffeerde met figuurtjes. Er zijn heel weinig gesigneerde De Momper's, veel is er in zijn atelier gemaakt. Voor deze schilderijen is er niet meer een hele grote markt, zo liet ook een veilinghuis hier in Nederland mij ook al weten. Maar ik heb twee mogelijke kopers in gedachten voor dit schilderij. Die herkennen de schoonheid en bijzondere waarde van het schilderij.’

 

Kunsthandelaar Niels de Boer moet het hebben van wat hij noemt ‘ontdekkinkjes’, zoals het woeste landschap van de Vlaamse schilder Joos de Momper (1564 -1635).

Veilingen

Iedere kunsthandelaar geeft een andere invulling aan het vak, volgens Niels. ‘Mijn vader heeft meer de neiging te handelen in wat er zoal voorbijkomt op het gebied van Nederlandse en Vlaamse oude meesters. Ik probeer te denken in groepjes en context en probeer daaromheen tentoonstellingen organiseren, zoals die nu over zeegezichten. Ik probeer mij ook meer te concentreren op dingen die ik zelf interessant vind, penschilderijen in zwart wit, tromp-l’oeils en anamorfosen. Maar die zie je weinig voorbijkomen.’ Niet alleen de persoonlijke invulling is anders, ook het vak zelf is veranderd, zo legt De Boer uit: ‘Ik heb de kunsthandel al meer zien veranderen dan mijn vader in zijn hele carrière. Vooral het internet heeft alles veranderd. Al voor ik in de kunsthandel belandde, had er al een verschuiving plaatsgevonden waarbij veilinghuizen aan particulieren gingen verkopen. Veilinghuizen zijn van oudsher de leverancier van de handel. De particulier werd in de tijd van veilinghuis Mak van Waay nog weggekeken, nu zijn ze niet meer weg te denken. Tegenwoordig wordt er soms weleens gezegd dat de rol van de kunsthandel er niet meer is. Ik zie dat niet zo. Ik denk dat je als particulier met de kunsthandel bedenktijd koopt. Op de veiling moet je snel de knoop doorhakken, in de handel heb je de tijd. Op de veiling gaat de prijs hoe langer je wacht alleen maar omhoog, bij de handel gaat ie alleen maar naar beneden naarmate je wacht, heb ik kunsthandelaar Johnny van Haeften ooit horen zeggen. Je koopt over het algemeen ook met meer garanties als je bij de handel koopt. Maar het speelveld verandert. Het aantal echte verzamelaars van oude meesters neemt nog steeds af. Met minder stukken moeten we proberen dezelfde omzet te draaien. Ik denk dat het veilingwezen en de handel zich niet tegen elkaar afzetten, we hebben elkaar nodig. Wij hebben kortgeleden met Sotheby’s in Londen en New York een veiling gedaan waarbij we drie werken inleverden en waarbij ook de kunsthandelaar werden geïntroduceerd. Voor mij pakte dat goed uit.’

 

Corona

En dan is er nu de corona. Hoe is dat binnengekomen? Niels: ‘Op de laatste PAN, nog voor de corona, was de stemming uitstekend en er werd beter verkocht dan de jaren ervoor. Het ging ook best goed in de eerste week van de TEFAF. Er was nervositeit en er werden foto’s gevraagd voor mogelijke verkopen na de beurs, maar toen halverwege de beurs de corona toesloeg, werd het stiller dan stil, dat heb ik nog nooit meegemaakt. Een Duitse klant had twee dingen gereserveerd die hij moest afzeggen. Hij vertelde mijn vader dat hij de helft van zijn vermogen was kwijtgeraakt bij het instorten van de beurs in april. Het heeft zeker invloed gehad op de prijzen, maar dat geldt zeker niet voor alles. Er is altijd geld en dus vraag, maar ik denk dat veel kopers wachten met kopen op dit moment. De markt van oude meesters volgt een vlakke lijn die licht omhooggaat. Nog steeds. Maar met oude meesters geldt nog steeds dat als je snel rendement wilt, je dan beter iets anders kunt gaan doen. Je winst moet het kijkplezier zijn.’

 

De Boer heeft zo zijn twijfels over een coronaproof beurs of uitgeklede versies. ‘Je gaat alles weghalen wat een beurs interessant maakt. Heen en weer lopen en alleen zien wat je wilt zien kan niet. Ook het sociale aspect is er niet meer bij. Ik ben blij dat de PAN na onderzoek heeft besloten om alles een jaar door te schuiven. Op naar betere tijden.’

 

  • Facebook - Grey Circle
  • LinkedIn - Grey Circle
  • Twitter - Grey Circle
  • Instagram - Grey Circle